In Nederland bestond aan het begin van de twintigste eeuw het beroep grimeur niet. Het grimeren en het schminken werd door de acteurs en actrices zelf gedaan en werd, volgens de smaak van die tijd, sterk overdreven. De spaarzame toneelbelichting in die tijd – eerst kaarsen, later olie- en gasverlichting – vereiste een zware toneelmake-up.

Start het promo-filmpje in een apart schermpje

Maar… toen was daar Herman Michels, zoon van een dameskapper uit de Utrechtsestraat in Amsterdam. Hij keek als jongetje toe als zijn vader de actrices kapte die optraden in het Paleis van Volksvlijt (afgebrand in 1929). Geïnteresseerd geraakt in het theater, ontwikkelde hij zijn eigen schminkmethode door het bestuderen van schilderijen en het experimenten met schminkmateriaal. Door deze nieuwe inzichten bleek het mogelijk om met lichtvlakken en schaduwen een hoofd volkomen te veranderen zonder plastische kunstgrepen te gebruiken.

Start het promo-filmpje in een apart schermpje

Na het demonstreren van deze methode in 1927 te Parijs won hij de Grand-Prix op het ‘Concours de Grimage’. Omstreeks die tijd begon hij ook zijn eigen grimeerbedrijf: de firma Michels. Dit bedrijf, met uiteindelijk 24 gespecialiseerde grimeurs in dienst, verzorgde de grime van ontelbare beroeps- en amateursgezelschappen uit de tijd van voor de Tweede Wereldoorlog. Deze grimeurs waren ook pruikenmakers, want een grimeur beheerste toen alle facetten van het vak.

UIT: Grimeren in Nederland (Mw.Drs.I.van der Rol, 1998)


Een interview met Jules de Roovere, ere-lid van de VGN

Lees hier een gedeelte van het interview. Het hele interview en nog meer lezen? 'DE PIONIERS' Interviews met 14 wegbereiders van de Nederlandse cinema door Annemieke Hendriks. Uitgeverij Internationale Theater & Film Books. ISBN 90 6403 699 3


namer

Op bovenstaande foto zijn de voorkant en de achterkant van een schminkpalet afgebeeld. Bijzonder hieraan is, dat dit voorwerp stamt uit ca 3150 tot 3032 voor Christus. Het wordt toegeschreven aan de farao Narner, heerser van boven- en beneden Egypte. Of hij het zelf gebruikt heeft of zijn echtgenote is niet evident, want beide seksen maakten zich op. Ze gebruikten kohl, wat in eerste instantie bedoeld was als bescherming van het oog tegen infecties. Later wordt het duidelijk gebruikt ter verfraaiing. Op afbeeldingen ziet men mannen en vrouwen met zwartomlijnde ogen. Zo leken de ogen groter en amandelvormiger. Kohl was niet het enige product dat werd gebruikt om het uiterlijk te verfraaien. Malachietgroene paste, henna, loodwit en vergulsel behoorden ook tot de kleurstoffen.
Ik stel mij zo voor dat zij elkaar beschilderden – want spiegels bestonden nog niet – en zo elkaars spiegelbeeld waren.